博弈论-最后通牒博弈

Neem als voorbeeld het beroemdste experiment in de gedragseconomie, het “ultimatumspel”. In dit experiment zijn er meestal twee deelnemers, waarbij één van hen $100 krijgt en deze vrij kan verdelen tussen zichzelf en de andere deelnemer. Hij kan ervoor kiezen alles voor zichzelf te houden, het bedrag halverwege te delen, of het grootste deel aan de ander te geven. De andere deelnemer heeft slechts twee opties: accepteren of weigeren. Als hij de verdeling weigert, gaan beide met lege handen naar huis.

Ik vroeg vrienden naar hun mening over dit spel, en tot mijn verbazing waren hun antwoorden zowel verschillend als klassiek. De een zei: geef één dollar aan de ander; als die accepteert, heeft hij één dollar, zo niet, niets. De ander zei meteen dat het eerlijk delen moet.

Als men volledig rationeel analyseert, is het voor de ontvanger altijd voordelig, ongeacht wat de ander aanbiedt, maar als men maximale winst nastreeft, hangt het van de persoon af. De ontvanger kan bijvoorbeeld eisen dat hij 99 euro krijgt terwijl de gever slechts 1 euro overhoudt; zou de gever dat accepteren? Dat hangt af van de individuele verschillen tussen beide, wat leidt tot uiteenlopende onderhandelingsresultaten.

In de praktijk weigeren veel mensen die een klein bedrag krijgen het aanbod direct, omdat ze onrechtvaardigheid voelen en zich bedrogen voelen, zelfs als ze daardoor niets krijgen. Mensen geven misschien minder om de absolute waarde en meer om de relatieve waarde. Dit is een emotionele besluitvorming; de meeste mensen handelen emotioneel. De gever wil liever meer behouden, de ontvanger wil meer ontvangen, maar ze moeten rekening houden met de gevoelens van de ander, anders krijgen ze niets. Daarom lijkt een eerlijke verdeling van de winst, bij volledige transparantie, gemakkelijker geaccepteerd te worden. Win‑win is niet genoeg; mensen willen ook emotioneel gerespecteerd worden. Als je de ander kunt raken, is 80 % krijgen niet onaanvaardbaar. Of je kunt de ander misleiden, bijvoorbeeld door te zeggen: “Hé, laten we die 10 dollar eerlijk delen,” en zo een informatie‑asymmetrie creëren om winst te behalen.

Als je verder kijkt, kan het een strategie zijn om 80 % van de huidige 100 euro aan de ander te geven. Als je later 100 euro kunt verdelen onder 10.000 mensen, krijg je een grotere absolute waarde, terwijl de relatieve waarde minder belangrijk wordt.

In een verdere redenering is de gever een miljonair geworden en verdeelt slechts 5 % aan de arme ontvanger, die die 5 euro hard nodig heeft om voedsel te kopen en dus moet accepteren. De gever geeft niets om de 100 euro; hij zou liever niets krijgen dan meer aan de ontvanger geven, en stelt dezelfde oneerlijke voorwaarden aan 10.000 ontvangers. De ontvangers voelen zich niet gerespecteerd en oneerlijk behandeld, maar hebben geen keus dan te accepteren.

Kunnen dergelijke situaties zich voordoen? Ik geloof dat er in de moderne samenleving veel voorbeelden zijn. Om te voorkomen dat men in zo’n situatie terechtkomt, moet men wellicht meer literatuur raadplegen om een antwoord te vinden.